|
|
|
|
Nestkasten
| |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Plaats verscheidene nestkasten naast elkaar, zodat een
kleine kolonie zich kan vestigen. Gierzwaluwen zijn zeer sociale vogels, en
de aanwezigheid van meerdere broedholtes zal de broedplaats aantrekkelijker
maken. | |
|
Bij voorkeur op een plaats die gierzwaluwen al
bezoeken. Hierdoor verhoogt de kans op vestiging. | |
|
De oriëntatie van de kast is van weinig belang, maar
bescherm de nestkast tegen de zon als je ze naar het zuiden richt. | |
|
Breng nestkasten niet vlak boven een horizontale
oppervlakte aan (platform, balkon). Want als ze het nest verlaten om weg te
vliegen, laten de dieren zich een eindje vallen. | |
|
Zorg voor een ongehinderde aanvliegroute naar de
kasten. Vermijd de omgeving van bomenrijen. |
Volwassen exemplaren zijn zeer trouw aan hun broedplaats. Ze gaan geen nieuwe broedplaatsen verkennen tenzij hun broedplaats intussen vernield werd. De kans is dus groter dat jonge vogels zich in de nestkasten gaan installeren. Wees geduldig en zorg er voor dat nestkasten vele jaren na elkaar op dezelfde plaats blijven. Zodra de eerste nestkasten bezet zijn, is de kans op een duurzame vestiging zeer groot.
Een volleerde vogeltuinier zal ook aan andere aspecten denken dan alleen voedsel, water en nestplaatsen. Zo kan hij een eventueel tekort aan nestmateriaal opheffen door een korfje met zachte veertjes, schapenwol en korstmos op te hanger. Gevallen appels die op de grond blijven liggen, trekken soorten lijsters aan die vrijwel nooit op een voedertafel komen. Nog beter is het om de appels tot de winter op te slaan en ze weer buiten te leggen wanneer er weinig natuurlijk voedsel meer beschikbaar is.

|
|
AANBEVOLEN AFMETINGEN
VAN NESTKASTEN
|
||||
|
Vogelsoort |
|
Bodemmaat |
Kasthoogte |
Diameter vlieggat Opmerkingen |
|
|
Bonte vliegenvanger |
13 x 13 cm |
20 cm tot gat |
3cm |
Vlieggat blokkeren tot vogels arriveren |
|
|
Boomklever |
|
15 x 15 cm |
12 cm tot gat |
3,5 cm |
Op beschutte plek hangen |
|
Gekraagde roodstaart |
13 x 13 cm |
20 cm tot gat |
3,5 cm |
Op beschutte plek hangen |
|
|
Halsbandparkiet |
|
25 x 25 cm |
80 cm tot gat |
8 cm |
Hoog aan boom of gebouw hangen |
|
Huismus |
|
15 x 15 cm |
15 cm tot gat |
3,5 cm |
Op beschutte plek hangen |
|
Kauw |
|
20 x 20 cm |
40 cm tot gat |
15 cm |
Op hoge, verscholen plek hangen |
|
Koolmees |
|
15 x 12 cm |
12 cm tot gat |
3cm |
Op beschutte plek hangen |
|
Mezen (excl. koolmees) 15 x 12 cm |
12 cm tot gat |
2,5 cm |
Op beschutte plek hangen |
||
|
Spechten |
|
15 x 15 cm |
40 cm tot gat |
6cm |
Tot aan vlieggat met polystyreen vuile |
|
|
|
|
|
|
|
|
Spreeuw |
|
15 x 15 cm |
30 cm tot gat |
5,5 cm |
Op beschutte plek hangen |
|
Stadsduif |
|
20 x 20 cm |
10 cm tot gat |
10 cm |
Buitenzitstok aanbrengen |
|
Steenuil |
|
30 x 30 cm |
30 cm tot gat |
7cm |
Vlieggat te verduisteren |
|
Wilde eend |
|
30 x 30 cm |
20 cm tot gat |
15 cm |
Op vlot of eiland plaatsen |
|
Bosuil |
|
25 x 25 cm |
80 cm tot gat |
15 cm |
Buitenzitstok aanbrengen |
|
Gekraagde roodstaart |
13 x 13 cm |
15 cm tot gat |
11cm |
Op beschutte plek hangen |
|
|
Roodborstje |
|
10 x 10 cm |
15 cm tot gat |
5 cm |
Op beschutte plek hangen |
|
Torenvalk |
|
30 x 50 cm |
30 cm tot gat |
10 cm |
Op 5 m hoge paal + buitenzitstok |
|
Winterkoninkje |
|
10 x 10 cm |
10 cm tot gat |
10 cm |
Op beschutte plek hangen |
|
. Zwarte roodstaart |
|
10 x 10 cm |
15 cm tot gat |
5 cm |
Op beschutte plek hangen |
Koolmees en Pimpelmees
Broedtijd
April – begin juli
Legselgrootte
Eerste legsel: 8 – 12, tweede legsel: 5 – 8 eieren
Broedduur
13 – 14 dagen
Merel
Broedtijd
Eind maart – juli, soms augustus
Legselgrootte
4 – 5 eieren
Broedduur
13 – 15 dagen
Spreeuw
Broedtijd
Half april – mei (eerste), juni tweede legsel (soms nog
later)
Legselgrootte
4 – 6, soms 7 – 8, tweede legsel zelden meer dan 5
eieren
Broedduur
12 dagen
Roodborst
Broedtijd
April – mei (eerste), juni – juli (tweede)
Legselgrootte
5 – 8 eieren (meestal 6)
Broedduur
13 – 14 dagen
Huismus
Broedtijd
Eind maart – september
Legselgrootte
4 – 6 eieren
Broedduur
13 – 14 dagen
Het komt voor dat er in het nest eieren zijn die niet uitkomen of dat er enkele
dode jongen zijn.
Er zijn verschillende redenen waarom eieren niet uitkomen. Allereerst is het
geen onbekend verschijnsel dat eieren niet bevrucht zijn en dus geen kuiken
bevatten. De eieren komen vanzelfsprekend niet uit. Ook kan het zijn dat de
eieren teveel zijn afgekoeld, bijvoorbeeld doordat de oudervogel verstoord is en
het nest te lang of helemaal heeft verlaten. Als het regent kunnen de
oudervogels eigenlijk helemaal niet van het nest omdat dan de eieren bijzonder
snel afkoelen.
Voor eieren die nog niet bebroed zijn geldt dit echter niet. De meeste kleine
vogels leggen elke dag één ei en beginnen pas met broeden als het legsel
kompleet is. Op die manier zorgen ze ervoor dat alle jongen op dezelfde dag uit
het ei kruipen en ook op dezelfde dag het nest verlaten. Ook kunnen dode jongen
in het nest achterblijven.
Het groot brengen van de jongen kost de oudervogels enorm veel energie. Als er
te weinig voedsel is, krijgen alleen de sterkste jongen te eten en zullen de
zwakkere dood gaan. Wanneer er veel te weinig voedsel is, kan het zijn dat de
oudervogels het nest in de steek laten omdat ze al moeite hebben om zelf
voldoende voedsel te vinden. Het zou dan zinloos zijn om, tegen beter weten in,
toch te proberen de jongen te voeren. Het resultaat zou kunnen zijn dat de
ouders zelf te veel verzwakt raken, waardoor de hele familie dood gaat.
Neerslag
of harde wind zijn belangrijke oorzaken voor voedselschaarste; vooral voor
insecteneters. Het kan ook zijn dat één of beide oudervogels verongelukt zijn.
Ziekte, honger, kou, verkeer, roofdieren, enz. eisen hun tol. De gemiddelde
levensverwachting van een koolmees is bijvoorbeeld slechts één jaar. Een
andere reden kan zijn dat de temperatuur in het nestkastje veel te hoog is
opgelopen. Als het kastje op een warme dag maar een paar uur in de volle zon
hangt, kan het er binnen zo warm worden dat de jongen oververhit raken en
sterven. Plaats een nestkast daarom nooit in het volle zonlicht.
|
U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen over deze
website verzenden aan John Colfoort
|